8. Bosbouwkundige risico’s


Naast schimmels, bacteriën en ongedierte liggen andere gevaren op de loer. Bij bosbranden kan een jonge plantage tot de grond afbranden, maar de bomen groeien dan opnieuw aan. Zo kan een vertraging van 1-3 jaar optreden (en dat is toch 5-15% van de looptijd). Na 3 jaar branden de bomen niet meer.

Ook overstromingen zijn mogelijk, alsmede orkanen en erosie, waardoor de grond letterlijk onder de bomen vandaan wordt gespoeld.

Op een plantage van Flor Y Fauna ging binnen 6 jaar na aanplant 25% van de bomen verloren. (Flor Y Fauna noemde dat eufemistisch ‘natuurlijke dunning’)
[Zwartboek, pag. 43; treemail/G&Y2.pdf, page 19]

Teakbomen zijn heel erg taai en ze overleven heel veel tegenspoed. Maar ieder van deze tegenslagen kan het resultaat onherroepelijk aantasten. In plaats van een waardevolle teakboom blijft een iele, kromme, zieke boom over, die minder waard is dan de kosten van het kappen.



Vorige pagina

Naar inhoudsopgave

Volgende pagina...